Column Mgr. De Korte

Column Mgr. De Korte

RELIGIE ZONDER GEWELD

De recente aanslag op Salman Rushdie heeft velen geschokt. Vele jaren na de tegen hem in 1989 uitgesproken fatwa is het dan toch een fanaticus gelukt om de schrijver neer te steken. Rushdie werd zwaar gewond maar er is goede hoop dat hij de aanslag zal overleven. De laffe aanval vormt een voorbeeld van religieus geweld. Dat geweld is natuurlijk altijd verbonden met politieke en economische componenten. In onze dagen lijkt religieus geweld vooral een islamitische zaak. Je kunt verdedigen dat op dit moment in de moslimwereld een burgeroorlog woedt tussen soennieten en sjiieten.

Bescheidenheid
Maar christenen past, gezien onze geschiedenis, bescheidenheid. Wij hebben immers ook een donkere geschiedenis. Katholieken hebben in de zestiende eeuw lutheranen en calvinisten vermoord. Nog recent besteedde deze krant aandacht aan de executie van Jan de Bakker in 1525 in Den Haag. En omgekeerd hebben calvinisten katholieken het leven genomen. Niet lang geleden zijn in Brielle de martelaren van Gorcum herdacht. Voor dit duistere en gewelddadige verleden voelen velen van ons terecht ongemak en schaamte.

Godsdienstvrijheid
Gelukkig is binnen het huidige wereldchristendom veel ten goede gekeerd. Je zou kunnen zeggen dat christenen zich hebben bekeerd. Verreweg de meesten van hen erkennen principieel gewetensvrijheid en godsdienstvrijheid. Geloven kan alleen als een vrij antwoord op Gods roepstem. Dat impliceert dat onze missionaire opdracht alleen zonder dwang en geweld kan worden uitgevoerd. Onze God heeft geen menselijk geweld nodig. Een en ander betekent overigens niet dat alles relatief is of even waar. Maar de dialoog om de waarheid kan alleen principieel geweldloos worden gevoerd. Juist leerlingen van Jezus zouden dat serieus moeten nemen. Christus heeft immers tijdens zijn aardse bestaan nooit het leven van anderen genomen maar zijn eigen leven gegeven. Verzoenende solidariteit tot in de dood.

Waardigheid
Wij mogen dankbaar zijn voor de oecumenische beweging maar ook voor de interreligieuze dialoog die in de afgelopen honderd jaar op gang is gekomen. Christenen spreken eerst over wat hen verbindt en pas daarna over waar nog verdeeldheid bestaat. Over de verschilpunten kan worden gesproken op de scherpst van de snede. Het geding om de waarheid is dat immers zeker waard. Maar tegelijk ook altijd met respect voor de waardigheid van alle gesprekspartners. Wat geldt voor het interne christelijke gesprek zou ook moeten gelden voor de dialoog met andersgelovigen. Wij mogen hopen dat zij Christus leren kennen. In die zin gaan dialoog en missionaire inzet wat mij betreft samen. Maar het is goed te beseffen dat wij het geloof alleen maar kunnen voorleggen. Ons getuigenis moet Gods Geest zelf in het hart van de ander vruchtbaar maken. In ieder geval moeten wij bij alle missieactiviteiten iedere dwang en ieder geweld vermijden. Wij mogen het vuur van Gods Geest in ons laten branden en enthousiast zijn over ons geloof. Maar enthousiasme is wat anders dan fanatisme. Ieder mens, met welke levensovertuiging dan ook, is immers een uniek schepsel van God met een unieke waardigheid. Salman Rushdie heeft al jong zijn islamitisch geloof afgezworen en sommige van zijn uitingen hebben moslims diep gekwetst. Maar dat rechtvaardigt nooit en te nimmer een aanslag op iemands leven.

Mgr. dr. Gerard de Korte

Klik hier voor meerdere columns