Nieuws

23 NOV

Priestertekort niet grootste probleem

Steeds meer parochies moeten een priester ‘delen’, omdat er steeds minder zijn. Toch is dat niet het grootste probleem, zegt dr. J. Hermans, die als expert deelnam aan de bisschoppensynode over de Eucharistie in Rome. Hij is tevens secretaris van de Nationale Raad voor Liturgie in Den Bosch.

“Door het groeiende priestertekort blijven steeds meer gelovigen verstoken van de viering van het sacrament van de Eucharistie. Wordt de katholieke Kerk als Kerk van de Eucharistie feitelijk niet steeds meer een Kerk van het Woord?,” vraagt Hermans zich af. Over Woord- en communiediensten zegt hij: “Het is weliswaar goed aan gelovigen de H. Communie uit te reiken, wanneer er geen mogelijkheid is tot de viering van de Eucharistie, maar anderzijds kan een te frequente communiedienst het verlangen van de Eucharistie onder leiding van een priester verduisteren.” De eucharistische aanbidding dient volgens de synode een grotere plaats in te nemen in het leven van de Kerk. “Dit geldt ook bij priestergebrek en bij de onmogelijkheid de Eucharistie te vieren,” aldus Hermans. Volgens hem is niet het priestertekort het grootste probleem, maar het gebrek aan geloof in de Eucharistie. “De vervlakking van de beleving van de Eucharistie – ook daar waar wel de Eucharistie gevierd wordt of kan worden – laat zien dat het probleem van het priestertekort slechts één aspect is. Voor priesters geldt dat gelovigen een beroep moeten kunnen doen op hun beschikbaarheid om de mis op te dragen, ook al moeten ze daarvoor reizen. Maar ook voor gelovigen is de bereidheid van belang voorrang te geven aan de deelname aan de Eucharistie, ook al moeten ze daarvoor reizen,” besluit Hermans.

Hier kunt het volledige artikel, zoals gepubliceerd in het Katholiek Nieuwsblad, downloaden als Word bestand.
23-11-2005